Feeds:
Berichten
Reacties

autoloos experiment

Sinds meer dan een week hebben we onze auto verkocht. Bedoeling is zoveel mogelijk zonder auto door het leven te gaan. Benieuwd of dit echt zal lukken. En wanneer het echt nodig is, is er nog altijd Cambio om ons uit de nood te helpen.

De redenen zijn voor de hand liggend. Sinds de uitbreiding van ons gezin tot 4 kinderen, zitten we met een transportprobleem. En ofwel moesten we een grotere auto (met 7 zitplaatsen) kopen, ofwel ons leven zo organiseren dat we in het algemeen bijna geen auto meer nodig hebben. Na meer dan 5 jaar permanent over een auto te beschikken, is de tweede mogelijkheid reeds zo een uitdaging, dat het alleen al daarom de moeite waard is het te proberen. Dat dit financieel en ecologisch ook een mooier resultaat geeft, is daarenboven mooi meegenomen. Maar de grootste aanpassing zal tussen de 2 oren zitten, vermoed ik.

dipje

Jawel,  bijna een jaar na mijn eerste schuchtere pogingen iets van deze blog te maken, mijn eerste sereuze “dip” achter de rug. De inspiratie was op, de interesse weg; de wil om even tijd te nemen en rustig na te denken had plaatsgemaakt voor de oppervlakkigheid van Facebook.
O jawel, ook ik ben als een blok gevallen voor het flitsende Facebook, met korte sloganeske uitroepen, idiote spelletjes en vooral, waanzinnig veel foto’s. Eigenlijk is dat nog het enige interessante: de foto’s. Mensen (ironisch genoeg ‘vrienden’ genaamd) die je al jaren niet meer gezien of gesproken hebt, meestal omdat de omstandigheden maken dat je veel moeite zou moeten doen om degelijk contact met elkaar te houden (terwijl de relatie het blijkbaar niet waard is die moeite te doen) kan je nu zonder veel moeite volgen in hun dagdagelijkse bezigheden. Het is te zeggen, wat ze van die dagdagelijkse bezigheden prijsgeven aan Facebook. Want het echte leven kom je er niet tegen, enkel wat virtuele extracten. Zalig oppervlakkig.
Voor de duidelijkheid; mijn relatie met Facebook is er één van liefde-haat.

“getuigenissen”

Vandaag TV-MAKS op bezoek op school. Getuigenissen van leerlingen filmen, om mooie “real-life” reportages te kunnen maken. Goed om weten is wel dat de bijdragen van de leerlingen die tijdens een “show” werden opgenomen, op voorhand mooi uitgetypt een gerepeteerd werden. En het geheel was natuurlijk heel strak geregisseerd.

Het resultaat is volgende maand te zien op www.maks.be.

paracommando

Lucas besluipt ’s avonds de dingen..
Be aware!!!!

achterwaarts

En Lucas begint te kruipen, weliswaar achterwaarts.

Misschien wil hij ons leren dat we eerst achteruit moeten, voor we vooruit kunnen.
Eerst moeten we met ons verleden “klaar” zijn voor we ècht verder kunnen gaan.

Lucas, 4 maand oud, eet zijn eerste “lange vinger”. Waarlijk de ontdekking van de hemel…

tijdloosheid

Maar ook al gaat de tijd nog zo snel voorbij, toch lezen we in de ogen van een kind nog altijd de tijdloosheid.

vakantie & tijd

Dag na dag druppelt de vakantie voorbij. Minuten, uren en dagen, glijden als zand door de vingers
Wat was er eerst? Het beeld van het zand dat door de vingers glijdt? Of de zandloper, die de tijd meet (beheerst?) door het lopen van de zandkorrels?
Dit oeroude beeld vangt heel goed het gevoel dat het “nu” ongrijpbaar en vooral onstopbaar vooruitsnelt, zeker in de vakantie.

Het is oud nieuws van vorige week, maar het blijft de gemoederen beroeren: in Vilvoorde worden enkele sociale woningen verkocht met als bijkomende voorwaarde de kennis van het Nederlands. Onmiddellijk brak er een storm van protest los over de ‘discriminerende’ karakter van deze maatregel. Het meest gehoorde argument tot hier toe hierbij is “het recht op wonen”.

Probleem met dit argument is dat het niet van toepassing is in deze discussie. Het gaat hier niet om het recht van wonen. Het gaat hier over de vraag of iedereen, zonder onderscheid, toegang moet krijgen tot sociale koopwoningen. Het antwoord is natuurlijk neen: sociale koopwoningen zijn alleen toegankelijk voor mensen met een laag inkomen. Op zich is dit een discriminerende maatregelen, aangezien hiermee veel mensen worden uitgesloten. Maar omdat dit een achtergestelde groep bevoordeelt, noemt men dit positieve discriminatie.

Waar het dus over gaat, is de vraag of kennis van het Nederlands een rechtvaardig bijkomend criterium is naast de vele andere criteria tot het toekennen van sociale koopwoningen. En op dit niveau heb ik de discussie nog geen enkele keer gehoord of gelezen.

Persoonlijk ken ik te weinig de achterliggende praktijk bij het toekennen van sociale koopwoningen. Zoals de meeste Belgen denk ik spontaan dat dit bedoeld is opdat mensen die weinig kansen hebben, toch kunnen overgaan tot het aankopen van een eigen woning. Met andere woorden, sociale koopwoningen passen in het bredere verhaal van “sociale maatregelen ter bestrijding van de armoede”. In deze bredere context passen eveneens maatregelen ter bevordering van de kennis van het Nederlands. Want wie Nederlands kent, heeft in België (en zeker in Vilvoorde) meer kansen op de arbeidsmarkt. Omgekeerd, en veel scherper, is het voor sociaal achtergestelde personen die geen Nederlands kennen in Vilvoorde (een Vlaamse stad) nagenoeg onmogelijk om aan werk te geraken. Met andere woorden, maatregelen die ervoor zorgen dat meer mensen Nederlands spreken, zijn (in Vilvoorde) sociaal bevorderlijk.

Maar in Vilvoorde worden sociale koopwoningen en Nederlands kennen (eenmalig?) gekoppeld. Als signaal kan het tellen. Vanuit bovenstaande maatregel kan je concluderen dat het in Vilvoorde menens is in de strijd tegen armoede. Maar vanuit een andere vooronderstelling, zijnde “de Nederlandstalige gemeenschap sluit zich af en wil enkel nog iets doen voor het eigen volk (eerst)”, kunnen we deze maatregel ook discriminerend en en zelfs ronduit racistisch noemen. Vraag blijft dus welke vooronderstelling we laten domineren.

Na de “rellen in Anderlecht” een nieuws scoop op Brussel: leerkrachten ontvluchten het Nederlandstalig onderwijs in Brussel omwille van de anderstaligheid van de leerlingen. Remedie van de week: laten we er nog wat extra miljoenen tegenaan smijten om de taalachterstand in te halen…. Gelukkig kwam deze suggestie niet van de minister. Anders zouden we ons echt zorgen moeten maken. Alsof dàt het probleem is. 

Een kort bezoekje aan gelijk welke Brusselse school zou kunnen helpen het èchte probleem  te zien: in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel is het Nederlands een totaal vreemde taal geworden. Niet bij de leerkrachten natuurlijk, maar bij de leerlingen. Als er bij ons nog 5 % van de leerlingen thuis Nederlands praten, zal het veel zijn. Onder elkaar doen ze het zeker niet. Met andere woorden: Nederlands is de taal van de leerkrachten, waarin ze les krijgen, moeten studeren, onder hun voeten krijgen, straf krijgen, vanalles moeten, en vooral niets mogen… Ik moet er geen tekening bij maken welke affectieve band deze leerlingen hebben met het Nederlands. Het ergste scheldwoord is dan ook niet ‘chien’ maar wel ’sale flamand’.

De oplossing is daarom tegelijk doodsimpel en onmogelijk.
Als we het Nederlandstalig onderwijs in Brussel willen redden van de ondergang, dan moeten we ervoor zorgen dat de meerderheid van deze leerlingen opnieuw thuis Nederlands praten. Met andere woorden, de ouders moeten verplicht worden Nederlands te leren, en moeten verplicht worden zich te engageren dit thuis te spreken met hun kinderen. Deze oplossing licht zo voor de hand, en zou bovendien het probleem van de gebrekkige communicatie tussen de ouders en de school (het grondprobleem van problematisch gedrag van leerlingen) eveneens oplossen. 
Maar in onze huidige tijd van “vrije schoolkeuze” en “individuele vrijheid van het individu” is dit soort maatregelen natuurlijk politieke zelfmoord. Niemand zou dit aanvaarden. Het zou nochtans veel oplossen.

« Nieuwere berichten - Oudere Berichten »